De Maine Coon werd oorspronkelijk aangetroffen in
Maine, een staat aan de oostkust van de Verenigde Staten, waar de uit Europa
afkomstige voorouders van het huidige ras in de 19e eeuw werd geïntroduceerd. Deze
kat werd getoond op de eerste Amerikaanse kattenshows, maar door de opkomst van
de exotische rassen, zoals de Pers, daalde zijn populariteit. In de jaren '50
leefde de belangstelling voor het ras weer op en sindsdien heeft deze
opvallende mooie kat fans over de hele wereld.
'Coon' staat
voor 'Raccoon', dat wasbeer betekent, en verwijst naar de sterke gelijkenis
tussen de geringde lange staarten van deze katten en van wasberen. Het verhaal
gaat dat de inwoners van Maine dachten dat de Maine Coon een kruising was
tussen de gewone kat en de wasbeer, maar wij weten nu dat dit soort kruisingen
genetisch niet mogelijk zijn.
Main Coons zijn aanhankelijke en vriendelijke katten met een lief
karakter. Zij zijn speels en erg intelligent. Ze zijn over het algemeen gek op
water, dus afwassen of groenten schoonmaken beschouwen zij als een persoonlijke
uitnodiging om eens lekker met water te kliederen. Een karakteristieke houding
voor (sommige) Maine Coons is liggend water drinken met de poten om de drinkbak
heen. Zorg daarom voor een zware drinkbak, want er wordt heel wat in
afgerommeld. Mocht je van plan zijn om op een zondag lekker terug te gaan
naar bed met bijvoorbeeld achterstallig leesvoer, heb je onmiddellijk
gezelschap van je Maine Coons die de ruimte, die jij voor je kranten e.d. had
gereserveerd, beschouwen als speciaal voor hen. En
gezellig dat het is ...